Conny Bos: “Ik ben zeer betrokken, maar het is niet mijn verdriet.” Lon Driessen: “Ik ben hiervoor geboren.” Monique Gelsing: “Ik vind nee zeggen heel moeilijk.”

“Wij willen mensen helpen”

Drie ex-ING’ers gingen in de uitvaartbranche werken

Na jaren toegewijd bankwerk kwam voor Conny Bos, Lon Driessen en Monique Gelsing-Janssen een nieuwe fase in zicht. Ze kozen onafhankelijk van elkaar voor het uitvaartwezen. “Ik ben een mensenmens” met een “zorghart” om “mensen te helpen”. Hoe verging het hen de afgelopen tijd?

Al voor de coronacrisis in januari stopte Monique (58) uit Mill bij Nijmegen met het uitvaartwerk. Ze was ermee begonnen nadat haar echtgenoot in 2013 overleed bij wie ze na tien jaar ING in 1992 in de zaak ging werken. “Ik had een contract van vijftien uren per week. Maar ik maakte altijd meer uren - al vóór corona - soms 50 tot 60 uur per week. Ik vind nee zeggen heel moeilijk. Het werk kon ik niet meer combineren met twee honden, drie paarden, een groot huis met tuin, stallen en weilanden bij huis. Ik heb nu een sabbatical.” Monique werkte voor Annora Uitvaartverzorging in Mill. Ze mist het werk en de collega’s wel. “Het zo fijn om iets voor mensen te kunnen doen.” Lon Driessen (52) is ex-ING-collega van Monique en werkzaam voor Goemans Uitvaart in Boxmeer, “hartje coronagebied”. Ze woont met man en hond in Venray en heeft een contract voor 28 uur per week, maar ze maakt vaak meer uren. “Ik begon in 2018 na 27 jaar relatiebeheer bij ING. Ik miste na diverse reorganisaties daar het klantcontact. Dat maakt dit uitvaartwerk zo mooi.” Conny Bos (65) stapte na 37 jaar op bij ING omdat haar bij een nieuwe reorganisatie de vraag werd gesteld ‘wat ze het liefste zou doen voor werk. Dat werd uitvaartverzorging. Een jaar studeerde ze op kosten van ING en in 2011 werd ze gediplomeerd register-uitvaartverzorgster. Ze werkt bij Yarden in Ede. Conny, Lon en Monique kwamen in het uitvaartvak terecht nadat ze zelf een uitvaart meemaakten van een geliefde vader of echtgenoot. De manier waarop de begeleiders hen toen hielpen, vormde het begin om het op hun eigen en persoonlijkere manier te doen. Wat drijft jullie? Lon verwoordt het zo: “Kwetsbare mensen bijstaan in een moeilijke periode.” Alle drie zijn het hierover eens: “Wij willen mensen helpen.” Monique: “Als ik maximaal 20 tot 25 uur had kunnen werken, was ik gebleven.” Hoe ga je dan om met het verdriet? Monique: “Soms word je een gezin of familie ingezogen. Je bent op het meest moeilijke moment bij hen in huis. Dan is het moeilijk om afstand te bewaren. Je krijgt er wel veel dankbaarheid voor terug.” Conny: “Ik kan er gelukkig goed tegen. Ik ben zeer betrokken, maar het is niet mijn verdriet.” Lon: “Het is mijn leed niet, ik sta deze mensen bij. Ik leef mee, maar ik lijd niet mee. Ik sta ze terzijde en niet ertussenin. Emotioneel belast dit werk me niet. Wel zijn er kippenvelmomenten. Laatst was er een erehaag van 100 meter met mensen met een zonnebloem in de hand langs de weg voor de overledene terwijl kerkklokken luidden. Dat raakte me wel.” Hoe heftig was de coronatijd voor jullie? Monique: “Ik was al weg toen.” Conny: “Een stuk drukker. Met corona werd het werk heel anders. We moesten in het begin alles telefonisch regelen. ‘Ik mag niet bij u zijn’, moest ik tegen de klant zeggen. Dat was moeilijk.” Lon: “Het is een heftige en pittige periode geweest. De piek heb ik door mijn uitvallen niet meegemaakt. We zaten midden in het coronagebied. Veel lange dagen, van vroeg tot ’s avonds laat. Daarbij kwamen de beperkende maatregelen.” Wat vond je toen het ergste? Lon: “We werken vanuit ons hart. Dat ik geen arm om iemand heen kon slaan. Of die maximaal 30 man bij de uitvaart. Het afstand houden, de eerste regelgesprekken telefonisch moeten doen en het videobellen. Dit is mensenwerk. Dat moet face to face, maar dat kon niet.” Conny: “Bij een klein bedrijf kan je geen nee zeggen. Als er nog twee meldingen van overlijden binnenkomen, doe je het toch.” Wat vind je de moeilijkste uitvaarten? Monique: “Kinderen, gelukkig heb ik dat nooit hoeven doen.” Conny: “Mensen die 65 jaar bij elkaar waren, dat is zó sneu…” Lon: “Jonge mensen en zelfdodingen omdat de verslagenheid en schrik daarbij heel groot is.” Tot slot: is er een link met het bankwerk? Conny, ex-Nederlandsche Middenstands Bank: “Dienstverlenen. Iets voor een ander betekenen.” Monique: “Het is mensenwerk.” Lon: “Het helpen van mensen, van betekenis kunnen zijn. Ik ben hiervoor geboren. Als ik mijn loopbaan over zou doen met de kennis van nu, zou ik direct voor het uitvaartvak kiezen. Nu geniet ik van de bankervaring. Ik heb geen spijt van de banktijd.” (Ewald Wagenaar)